Hoogheemraadschap Rijnland over klimaatverandering

‘We hebben iedereen nodig om weersextremen op te vangen’

Droge zomers met een tekort aan water en heftige regenbuien die zorgen voor veel wateroverlast. Het zijn scenario’s die beschreven staan in studies van het Hoogheemraadschap van Rijnland voor de komende jaren, maar het gaat sneller dan gedacht. “De weersextremen komen sneller, treden vaker op en duren langer”, schetst dijkgraaf Rogier van der Sande de huidige situatie.

De droogte van afgelopen zomer, met gebrek aan regen in combinatie met een lage waterstand in de Rijn, staat bij velen nog op het netvlies. “Uiteindelijk begon het in augustus toch te regenen, waardoor het nog net goed is afgelopen”, kijkt Rogier van der Sande terug. “Maar we weten dat een zomer als die van dit jaar over 20 à 25 jaar een gemiddelde zomer kan worden genoemd. Extreme hitte en droogte is een relatief nieuwe tak van sport. We moeten dus op zoek naar nieuwe manieren om minder afhankelijk te zijn van zoet water of om meer zoet water op te slaan. En het gaat dan om hele grote hoeveelheden water.”

Klimaatsceptici

“Dit soort weersextremen helpt wel om klimaatsceptici ervan te overtuigen dat iedereen zich weerbaar moet opstellen tegen droogte en wateroverlast, in combinatie met de bodemdaling in het deel van Nederland waar wij leven”, zegt Rogier van de Sande, die sinds september 2017 aan het hoofd staat van het Hoogheemraadschap van Rijnland, dat vanuit Leiden bestuurd wordt.

“Natuurlijk bereiden we onszelf voor op de scenario’s zoals ze zijn geschetst in onze studies, die voorspellingen doen voor de periode 2050-2100”, legt Van der Sande uit. “Dat lijkt ver weg, maar zeker maatregelen voor de lange termijn hebben een lange aanlooptijd nodig en kosten veel geld. In de studies, die gemaakt zijn aan de hand van klimaatmodellen van het KNMI, hebben we bijna tot op slootniveau en per gebied uitgerekend wat de klimaatverandering betekent, en waar we de komende jaren tegenaan lopen en hoe we ons moeten wapenen. Zo kunnen we iedereen zo vroeg mogelijk voorbereiden op wat er op ons afkomt. Wij geven met onze studies de richting aan, waarbij geldt dat tijd een onzekere factor is. We weten niet precies wanneer wat gebeurt.”

Waterbergingen

De wapenuitrusting die Rijnland heeft, is indrukwekkend. Het heeft bijvoorbeeld gemalen en pompen waarmee overtollig water kan worden weggepompt of kan worden overgeheveld in tijden van droogte.

Een ander middel zijn waterbergingen waarvan Rijnland er twee heeft. Een is er in de Nieuwe Driemanspolder, een gebied van 300 hectare tussen Zoetermeer, Leidschendam-Voorburg en Den Haag. Een tweede waterberging, van 67 hectare, komt in de Haarlemmermeer ter hoogte van Buitenkaag en Sassenheim. Overtollig water kan daar tijdelijk worden opgeslagen in tijden van hevige neerslag om dit vervolgens geleidelijk af te voeren. Bij uitzondering is de waterberging in de Nieuwe Driemanspolder dit jaar ook gebruikt om zoet water op te slaan en vervolgens geleidelijk te gebruiken. Maar dat lijkt geen structurele oplossing.

Balans bewaken

“De balans tussen te veel en te weinig water en tussen zoet en zout water bewaken wij zorgvuldig”, legt Van der Sande uit. Daarbij heeft Rijnland rekening te houden met meerdere belangen en partijen. Bijvoorbeeld agrariërs die water nodig hebben voor hun gewassen, maar ook recreatiebedrijven aan het water die gebaat zijn bij open sluizen, terwijl Rijnland ze op bepaalde momenten juist wil sluiten. “Wij moeten enerzijds zorgen dat de dijken nat blijven, want gebeurt dat niet dan zakken ze in. Anderzijds willen we de genoemde doelgroepen ter wille zijn met het op peil brengen van watergangen en polders. Maar veiligheid gaat voor alles en dat betekent dat je keuzes moet maken.”

De boodschap van Rogier van der Sande daarbij is dat in tijden van extreme droogte het hoogheemraadschap het niet alleen kan. “Bedrijven moeten zich ook zelf voorbereiden op langere periodes van droogte, zoals afgelopen zomer. Dat geldt bijvoorbeeld voor agrarische bedrijven en bollenbedrijven, die onder andere waterbassins kunnen aanleggen om zelf water op te vangen en zo een periode van langdurige droogte op te vangen. Maar je moet ook denken aan bedrijven als datacenters, die veel koelwater gebruiken. We hebben iedereen nodig om weersextremen op te vangen.”

In gesprek

Met al deze partijen, inclusief natuurorganisaties, recreatieondernemers en gemeenten in Rijnland, is het hoogheemraadschap doorlopend in gesprek, onder andere om ze mee te nemen in de plannen die gemaakt worden. Van der Sande: “Er zit veel kennis overal, bij agrariërs die verstand hebben van grond, maar ook bij aannemers en ontwikkelaars die wijken bouwen en bedrijventerreinen aanleggen, waarbij ook rekening moet worden gehouden met te veel en te weinig water. Daarom zijn we graag met iedereen in gesprek om alle kennis die er is met elkaar te delen, en om er uiteindelijk voor te zorgen dat de juiste maatregelen worden genomen, vastgelegd in wetten en regels van de provincie en van gemeenten.”

Van der Sande, afsluitend: “We moeten leren leven met onzekerheden; dat is a fact of life, en we kunnen niet alles doen wat we willen. Overleg met elkaar zorgt er uiteindelijk voor dat iedereen zich zelf weerbaar opstelt. Weerbaarheid is inmiddels een breed begrip in Nederland sinds er dreigingen van allerlei aard op ons afkomen, maar weerbaarheid geldt dus ook als het gaat om onszelf te beschermen tegen extreme weersinvloeden. Je kop in het zand steken is geen optie. Die hevige regenbui van een paar jaar geleden in Limburg kan ook hier vallen.”