Samenwerking gemeenten in onze regio: “Wij kijken al jaren over grenzen heen”


Deel dit artikel

In de kranten van de afgelopen maanden buitelden burgemeesters en andere lokale politici over elkaar heen om hun mening te geven over fusies en nauwere samenwerking tussen gemeenten in onze regio. Maar hoe denkt het bedrijfsleven over dit voor bestuurders hete hangijzer? We maakten een rondgang langs enkele ondernemersclubs en zetten de meningen op een rij.

Tekst: Henk Hogewoning 

Rond de jaarwisseling werd de discussie over de fusie van gemeenten op scherp gezet. Onder andere door het kabinet-Rutte dat met het bericht naar buiten kwam dat er in de toekomst alleen nog maar plaats is voor gemeenten van 100.000 en meer inwoners. Ook Jan Franssen, vertrekkend commissaris van de koningin in Zuid-Holland, deed een duit in het zakje met de constatering dat de huidige samenwerking in de Bollenstreek te wensen overlaat en dat een fusie van Noordwijk, Noordwijkerhout, Lisse, Teylingen en Hillegom het enig juiste antwoord is. “De streek kachelt achteruit,” stelde Franssen in het Leidsch Dagblad.

Niet te hard van stapel lopen

Deze boodschappen van de landelijke en de provinciale overheid waren voor bestuurders in de Duin- en Bollenstreek aanleiding om zich te roeren in de media. Jos Wienen, burgemeester van Katwijk (nu 60.000 inwoners, in de toekomst 80.000) verzette zich bijvoorbeeld met kracht tegen het kabinetsvoorstel voor 100.000-plus-gemeenten. Hij vreest dat dit leidt tot meer bureaucratie, hogere kosten en een grotere afstand tussen bestuur en bevolking. En als reactie op de uitspraken van commissaris Franssen waarschuwde burgemeester Gerrit Goedhart van Noordwijkerhout onlangs dat niet te hard van stapel moet worden gelopen met de fusie van de vijf gemeenten in de Bollenstreek.  Tegelijkertijd zijn de Bollenstreek-gemeenten het er wel over eens dat nauwe samenwerking en efficiënter en effectiever werken noodzakelijk zijn. Onder andere Lisse staat op dit standpunt. Het zorgt voor kortere lijnen en snellere beslissingen en voorkomt dat anderen over de Bollenstreek beslissen, vindt de bollen- gemeente. Blijf zelf aan het stuur, betoogde waarnemend burgemeester Lies Spruit van Lisse tijdens haar nieuwjaarsreceptie. Regionaal denken moet volgens haar centraal staan, ook bestuurlijk gezien.

Conferentie

Een concreet initiatief op korte termijn is een gezamenlijke conferentie over samenwerking voor de vijf gemeenteraden uit de Bollenstreek, op 14 februari in Leeuwenhorst in Noordwijkerhout. Ook in andere overlegorganen wordt nagedacht over nauwere samenwerking, bijvoorbeeld door Holland Rijnland, het samenwerkingsverband van 15 gemeenten in de Rijn- en Bollenstreek, dat in december 2012 de aftrap had voor wat genoemd wordt Kracht 15, een proces dat tot doel heeft om de samenwerking tussen de aangesloten gemeenten onder de loep te nemen.

Burgemeester Henri Lenferink van Leiden, tevens voorzitter van Holland Rijnland, benadrukte tijdens deze sessie – getiteld Glazen Bol-bijeenkomst – het belang van nauwe samenwerking, onder andere vanwege de minder rooskleurige economische omstandigheden. Ruim voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 verwacht Holland Rijnland met concrete aanbevelingen te komen. Input hiervoor komt uit een studie naar de economische concurrentiekracht van de regio. Bovendien komt er een denktank van deskundigen van binnen en buiten de regio die mogelijke samenwerkingsvormen bekijkt.

Ondernemersfront

De bestuurders uit onze regio lieten dus van zich horen de afgelopen maanden. Aan het ondernemersfront bleef het op dit gebied rustiger. Hoe kijkt het bedrijfsleven  aan tegen intergemeentelijke samenwerking en fusies van gemeenten?

“Een fusie van de gemeente Katwijk met andere gemeenten in de Bollenstreek is wat ons betreft uitgesloten”, zegt Peter Jongejan, voorzitter van de Katwijkse Ondernemersvereniging (KOV). “We zijn groot genoeg. Wat dat betreft sluit ik me aan bij burgemeester Wienen. Wat niet wegneemt dat je over grenzen heen moet kijken en regionaal moet denken, zoals in het bedrijfsleven al lang gebeurt. Neem het watertoerisme. Dat houdt niet op bij de Kaag of de Leidse grachten. Het is één geheel, zoals in Friesland de Friese meren.”

Jongejan pleit daarom voor intensieve samenwerking tussen gemeenten en het uitbesteden van activiteiten. Goede voorbeel- den zijn volgens hem de gezamenlijke milieustraat voor Katwijk en Noordwijk, en het gemeenschappelijk innen van belastingen. “En er is nog veel meer mogelijk. Schaalvergroting vergroot de slagkracht en zorgt voor meer kennis. Dat geldt ook voor de gemeenten in de Bollenstreek, die elk afzonderlijk te klein zijn. Tegelijkertijd moeten gemeenten er wel voor zorgen dat de eigen identiteit behouden blijft en dat de persoonlijke betrokkenheid blijft bestaan, zowel bij politici als bij gemeenteambtenaren.”

Tegengas

“Ik snap de discussie over de fusie van gemeenten wel,” zegt voorzitter Cees van Wijk van de Noordwijkse Ondernemersvereniging (NOV). “De Bollenstreek is een lappendeken van kleine gemeenten. De tijdelijk benoemde burgemeesters zien het belang van een fusie wel in, maar zij krijgen tegengas van de lokale politici. Ik denk dat we geleidelijk aan op een fusie afstevenen. Het is een kwestie van wennen. De overheid propageert het en je ziet het overal. Zie bijvoorbeeld het Westland. Daar zijn de gemeenten ook gefuseerd, waardoor één groot gebied is ontstaan.”

De mening van Van Wijk wordt ondersteund door een representatief onderzoek onder leden van de NOV, afgelopen najaar. Daaruit blijkt dat veertig procent van de bedrijven voor meer samenwerking is. Ongeveer een kwart van de ondernemingen is voorstander van een fusie, een minderheid van twintig procent is tegen. Bovendien verwachten de meeste ondernemers dat de infrastructuur verbetert na een fusie. Ook de bollenteelt in het bijzonder en de economische bedrijvigheid in het algemeen verbeteren, zo is de algemene verwachting.

“De conclusie van het onderzoek is dat ondernemers nauwere samenwerking tussen gemeenten nodig vinden,” vat Cees van Wijk samen. “Ook omdat we laag staan op de ranglijst van economisch goed presterende regio’s. Een fusie ligt dan voor de hand. Een centraal geleide organisatie met heldere verantwoordelijkheden en één baas die beslissingen neemt, zoals in het bedrijfsleven, is een logisch model.”

Minder bestuurslagen

Op 1 januari 2014 gaan Alphen aan den Rijn, Boskoop en Rijnwoude samen in één nieuwe gemeente, die dan meer dan 100.000 inwoners telt, conform de wens van het kabinet. “Ik vind dat een goede ontwikkeling,” zegt voorzitter John Vermeer van ondernemersvereniging VOA in Alphen aan den Rijn. “Hoe meer bestuurslagen er tussenuit gehaald worden hoe beter. Dat geldt voor gemeenten, maar wat mij betreft ook voor provincies. Als het goed gebeurt, en soms laat dat nog weleens te wensen over, levert een fusie geld op.”

Directe voordelen voor het bedrijfsleven ziet Vermeer niet, omdat bedrijven altijd al over grenzen heen hebben gekeken. “Maar het is goed dat er in de regio rond Alphen een metropool van meer dan 100.000 inwoners ontstaat met een greenport als Boskoop erbij. Dat zorgt voor betere faciliteiten op gebieden als onderwijs en sport en zorgt voor meer dynamiek. Dat is ook positief voor het bedrijfsleven hier. Dat zal niet meteen al in 2014 zijn, maar wel op de lange termijn.” Nadelen voor de bedrijven ziet Vermeer niet. Ook tast een fusie niet het eigen karakter van de afzonderlijke gemeenten aan, vindt Vermeer. “De dorpskernen blijven bestaan, alleen de bestuurslagen verdwijnen.”

De fusie van Alphen, Boskoop en Rijnwoude brengt met zich mee dat ook de ondernemersverenigingen van deze gemeenten samengaan. Vermeer: “De VOA is al samen met de ondernemers van  Rijnwoude en telt nu 620 leden. Als ook Boskoop erbij komt, wat de bedoeling is, vormen we als het ware één front en loopt het ledenaantal op tot meer dan 700. We zijn dan veruit de grootste ondernemersvereniging van de regio.”

Geen grenzen

“De ondernemersclubs van Alphen en omgeving houden op deze manier al rekening met de komende fusie van Alphen, Boskoop en Rijnwoude,” vult Frank Ponsioen aan. Hij is oud-voorzitter van de VOA en voorzitter van het Platform Bedrijfsleven Rijnland. In dit platform hebben de ondernemersverenigingen uit deze regio zich verenigd, samen met VNO-NCW Rijnland en de Haagse Kamer van Koophandel. Zij overleggen met de twintig gemeenten uit de Rijn-, Duin- en Bollenstreek over zaken die de gemeentegrens overstijgen, bijvoorbeeld over een goede infrastructuur.

Ponsioen: “Onze belangen stoppen niet bij een gemeentegrens. Dat was al zo toen ik nog voorzitter was van de VOA. We kijken al jaren over de grenzen heen. Een bestuurlijke fusie van een gemeente brengt ons daarom niet zoveel nieuws, hooguit zal het overleg wat gestroomlijnder verlopen omdat er minder bestuurslagen overblijven. Uiteraard volgen we de discussie over de fusies van gemeenten op de voet. We kijken met name naar de economische agenda van nieuwe colleges. Maar verder verandert er bij een fusie niet veel voor ons.”

Comments are closed.